13 oktober
We
kunnen niet zeggen dat we geen regen gehad hebben tijdens deze reis.
Afgelopen nacht heeft het nog eens serieus hard geregend. Onze
bungalow waar we de twee laatste nachten logeren heeft een ijzeren
dak en dat maakte het genot van de regen nog indrukwekkender. We
konden niks niemeer tegen elkaar zeggen zo veel lawaai maakte dat.
Regen hoort er hier nu eenmaal bij, 't is nog altijd regenseizoen
(alhoewel dat nu stilaan op zijn einde loopt). Regen op zich is één
zaak, maar het wordt hier altijd snel herschapen in een modderpoel.
Daarbij komt nog dat er overal vuil ligt (sommige straten lijken meer
op een vuilnisbelt) en dat begint dan ook te drijven en het geheel
wordt een smeurie. Ook deze dingen horen bij Myanmar.
Vuilnisophaling, sorteren enzo dat kennen ze hier nog niet. Maar
ondanks dit blijft het een prachtig land.
Inle
Lake, het tweede grootste meer van het land, was een mooie afsluiter
van onze reis. We zijn een ganse dag met een longboat over het meer
gevaren en hebben er verschillende dorpjes bezocht. Hier leven de
mensen in paalwoningen op het water en ze leven van hetgeen het meer
hen te bieden heeft.
We
bezochten een bootmakerij en een smidse (niet om de hoeven van
paarden te maken, maar om werktuigen te smeden zoals scharen en
messen en dolken, speerpunten en potten en pannen...) maar ook een
zijdeweverij en een lotusweverij. Dit was zeer speciaal. Van de
vezels van de lange stengels waaraan de lotusbloem groeit wordt
garen gemaakt.
Maar
ook een zilversmederij hebben we bezocht en een sigarenmakerij. De
vrouwen rollen de hele dag sigaren, tot 1000 stuks per dag. Hun
mannen zijn ondertussen op visvangst.
De
manier van vissen is hier ook heel speciaal. De vissers zijn bekend
als de voetroeiers, ze roeien dus met één voet want hun 2 handen
hebben ze nodig om te fuik te gebruiken.
Guido
heeft daar ook nog een toertje gemaakt met een kano, maar dat heb ik
wijselijk overgeslagen, ik had al genoeg op een boot gezeten vandaag
en op de kano, die redelijk plat was zat het precies niet zo
supermakkelijk...
We
bezochten ook nog een dorpje waar die vrouwen leven met die ringen
rond hun nek, elk jaar komt er een ring bij (In Thailand is dit de
Karen stam, maar ik weet niet hoe die hier heten...vergeten te
vragen...) De eerste 5 ringen krijgen ze als ze 10 zijn daarna komen
er steeds bij tot ze er maximum 35 hebben. Het verhaal gaat dat ze
die ringen rond hun nek hebben om aanvallen van de tijgers (die hier
vroeger leefden) te kunnen overleven. Of het verantwoord is om deze
vrouwen zo te laten rondlopen is een andere zaak, maar als dat hun
cultuur is, dan denk ik dat wij dat zo moeten aanvaarden. Trouwens
het is niet hun nek die langer wordt, maar door het gewicht van de
ringen drukken hun schouders omlaag en daardoor lijkt het alsof hun
nek langer is. In totaal wegen die ringen 9 kg en ze doen ze hun
hele leven niet meer uit.
Er
zijn zelfs drijvende tuinen op het meer waar alle soorten groenten
gekweekt worden, momenteel vooral tomaten maar men heeft er tot 3
verschillende oogsten per jaar.
Als
afsluiter gingen we naar het klooster van de springende katten.
Er
zijn 2 soorten kloosters, die waar de monniken studeren en
onderwijzen en die waar ze mediteren. Dit is een meditatieklooster
en dit wil zeggen dat de monniken die hier wonen veel tijd hebben.
Er was toen een monnik die de katten die in het klooster leefden,
truukjes aanleerde, zoals door hoepels en ringen springen. Spijtig
genoeg is de monnik die de katten dit leerde overleden en niemand nam
deze taak van hem over, nu zijn er nog wel veel katten, maar ze
springen niet meer, ze hebben een zalig relaxed leven als tempelkat.
De oppermonnik zit in het midden aan een soort offeraltaar en rond
hem allemaal katten. Toen we daar waren werden we zelfs uitgenodigd
op de thee, allé de thee staat er altijd en voor iedereen klaar.
Leuk toch! En de katten waren zeer lief en lieten zich makkelijk
strelen en knuffelen.
Nu
moesten we ons haasten want er kwamen nog eens donkere wolken
opzetten en het was nog een uur met de boot tot in het dorpje waar
ons hotel is. Onderweg hebben we wel wat regen gehad maar het viel
nog mee.
Vanavond
hebben we hier in het hotel een diner gehad met allerlei
specialiteiten van hier, sommige al lekkerder dan anderen, maar over
het algemeen is de keuken van Myanmar niet zo heel denderend, op de
shan noodles en de tofu dingetjes na.
Morgen
begint onze terugreis, we vliegen naar Yangon, waar het begon!
Geen opmerkingen:
Een reactie posten