dinsdag 14 oktober 2014

Inle Lake

13 oktober

We kunnen niet zeggen dat we geen regen gehad hebben tijdens deze reis. Afgelopen nacht heeft het nog eens serieus hard geregend. Onze bungalow waar we de twee laatste nachten logeren heeft een ijzeren dak en dat maakte het genot van de regen nog indrukwekkender. We konden niks niemeer tegen elkaar zeggen zo veel lawaai maakte dat. Regen hoort er hier nu eenmaal bij, 't is nog altijd regenseizoen (alhoewel dat nu stilaan op zijn einde loopt). Regen op zich is één zaak, maar het wordt hier altijd snel herschapen in een modderpoel. Daarbij komt nog dat er overal vuil ligt (sommige straten lijken meer op een vuilnisbelt) en dat begint dan ook te drijven en het geheel wordt een smeurie. Ook deze dingen horen bij Myanmar. Vuilnisophaling, sorteren enzo dat kennen ze hier nog niet. Maar ondanks dit blijft het een prachtig land.
Inle Lake, het tweede grootste meer van het land, was een mooie afsluiter van onze reis. We zijn een ganse dag met een longboat over het meer gevaren en hebben er verschillende dorpjes bezocht. Hier leven de mensen in paalwoningen op het water en ze leven van hetgeen het meer hen te bieden heeft.
We bezochten een bootmakerij en een smidse (niet om de hoeven van paarden te maken, maar om werktuigen te smeden zoals scharen en messen en dolken, speerpunten en potten en pannen...) maar ook een zijdeweverij en een lotusweverij. Dit was zeer speciaal. Van de vezels van de lange stengels waaraan de lotusbloem groeit wordt garen gemaakt.
Maar ook een zilversmederij hebben we bezocht en een sigarenmakerij. De vrouwen rollen de hele dag sigaren, tot 1000 stuks per dag. Hun mannen zijn ondertussen op visvangst.
De manier van vissen is hier ook heel speciaal. De vissers zijn bekend als de voetroeiers, ze roeien dus met één voet want hun 2 handen hebben ze nodig om te fuik te gebruiken.
Guido heeft daar ook nog een toertje gemaakt met een kano, maar dat heb ik wijselijk overgeslagen, ik had al genoeg op een boot gezeten vandaag en op de kano, die redelijk plat was zat het precies niet zo supermakkelijk...
We bezochten ook nog een dorpje waar die vrouwen leven met die ringen rond hun nek, elk jaar komt er een ring bij (In Thailand is dit de Karen stam, maar ik weet niet hoe die hier heten...vergeten te vragen...) De eerste 5 ringen krijgen ze als ze 10 zijn daarna komen er steeds bij tot ze er maximum 35 hebben. Het verhaal gaat dat ze die ringen rond hun nek hebben om aanvallen van de tijgers (die hier vroeger leefden) te kunnen overleven. Of het verantwoord is om deze vrouwen zo te laten rondlopen is een andere zaak, maar als dat hun cultuur is, dan denk ik dat wij dat zo moeten aanvaarden. Trouwens het is niet hun nek die langer wordt, maar door het gewicht van de ringen drukken hun schouders omlaag en daardoor lijkt het alsof hun nek langer is. In totaal wegen die ringen 9 kg en ze doen ze hun hele leven niet meer uit.
Er zijn zelfs drijvende tuinen op het meer waar alle soorten groenten gekweekt worden, momenteel vooral tomaten maar men heeft er tot 3 verschillende oogsten per jaar.
Als afsluiter gingen we naar het klooster van de springende katten.
Er zijn 2 soorten kloosters, die waar de monniken studeren en onderwijzen en die waar ze mediteren. Dit is een meditatieklooster en dit wil zeggen dat de monniken die hier wonen veel tijd hebben. Er was toen een monnik die de katten die in het klooster leefden, truukjes aanleerde, zoals door hoepels en ringen springen. Spijtig genoeg is de monnik die de katten dit leerde overleden en niemand nam deze taak van hem over, nu zijn er nog wel veel katten, maar ze springen niet meer, ze hebben een zalig relaxed leven als tempelkat. De oppermonnik zit in het midden aan een soort offeraltaar en rond hem allemaal katten. Toen we daar waren werden we zelfs uitgenodigd op de thee, allé de thee staat er altijd en voor iedereen klaar. Leuk toch! En de katten waren zeer lief en lieten zich makkelijk strelen en knuffelen.
Nu moesten we ons haasten want er kwamen nog eens donkere wolken opzetten en het was nog een uur met de boot tot in het dorpje waar ons hotel is. Onderweg hebben we wel wat regen gehad maar het viel nog mee.
Vanavond hebben we hier in het hotel een diner gehad met allerlei specialiteiten van hier, sommige al lekkerder dan anderen, maar over het algemeen is de keuken van Myanmar niet zo heel denderend, op de shan noodles en de tofu dingetjes na.
Morgen begint onze terugreis, we vliegen naar Yangon, waar het begon!


Geen opmerkingen:

Een reactie posten